21 en 22 juni Shetland
21 juni 2011. We treffen het op nieuw met het weer. Een beetje beweging na het zware ontbijt kan geen kwaad. Het is moeilijk een keus te maken voor een wandeling. Het schiereiland Northmavine is uitgestrekt en bestaat voornamelijk uit moorland. Vlak bij Almare ligt het dorpje Estaness. We parkeren onze auto bij één van de boerderijen. Tegen de harde wind wandelen we over de kliffen richting de vuurtoren. De vuurtorens in Schotland zijn allemaal van dezelfde ontwerpers zodat ze er bijna hetzelfde uitzien in de kleuren wit en geel. Op deze wandeling zien we wel dramatische kusttafrelen maar weinig dieren. Dat maakt de trip een beetje saai. Wel zijn er scholeksters, noordse stormvogels en tapuiten maar daar blijft het bij. Via weilanden en de restanten van een oude broch waar we een tijdje uitrusten komen we na zo'n 14 km. struinen door het land weer bij onze auto.
22 juni 2011. De laatste dag op de Shetland eilanden. We nemen afscheid van onze gastvrouw Marcia Robinson en rijden van Northmarvine terug naar Lerwick. In de haven nemen we de veerboot naar het eiland Bressay (een kwartiertje) en rijden snel het eiland over naar de veerboot naar het kleine eilandje Noss. Noss is natuurgebied en vogelreservaat. We worden op de wal van Bressay opgehaald door een ranger van de natuurorganisatie RSPB en met een rubberbootje in drie minuten over het zeeloch gezet. Bij het bezoekerscentrum begint de tocht over de glooiende heuvels langs de kliffen. Als eerste zien we zeehonden (common seals). Ze liggen in groepjes op de rotsen in zee of kijken met de kop boven water nieuwsgierig rond. Er zijn ook groepjes eidereenden met jongen. Opnieuw treffen we het met het weer; de zon schijnt fel en de lucht boven ons is blauw. Toch is het tijdens onze Schotlandreis bijna nooit warmer dan 12 graden C. Na de kaap te hebben beklommen zien we op korte afstand een rots in zee met honderden zeekoeten. Er zitten ook puffins (papegaaiduikers) tussen, maar de afstand is te groot om de kleine grappige vogeltjes goed te kunnen bekijken. Kort daarna komen we bij de kliffen waarop duizenden Jan van Genten broeden. Ze zijn al van afstand te ruiken. Het is een fantastisch gezicht om zoveel van deze grote zeevogels van korte afstand te kunnen bekijken. We maken onze tocht af. En stoppen nog regelmatig om van boven op de klif naar de duizenden zeevogels te kijken. Grote mantelmeeuwen, stormvogels, zilvermeeuwen maar tussen de stenen muurtjes ook winterkoninkjes. Een mooie afsluiting van ons bezoek aan de Shetlandeilanden waarin we een goed beeld hebben gekregen van het landschap en de dieren. Een uurtje nadat de ranger ons weer heeft over gezet met de rubberboot zitten we met een biertje op de ferry naar Orkney. 's Avonds nemen we onze intrek in B&B The Noust op Orkney.
18 19 en 20 juni Orkney Shetland
18 juni 2011. Van Strathy Point rijden we naar de ferry in Scrabster. Rond 13.00 uur vertrekken we voor een korte zeereis naar Stormness op Orkney. Het is heerlijk op het zonnedek. We blijven er de hele vaart. Bij het bereiken van Orkney varen we dicht langs de Old Man of Hoy. Overal klikken de camera's. We ontschepen.
Met onze Fort Fiesta rijden we over smalle wegen naar het doel van deze dag: de Ring of Brodgar. Het is een cirkel van standing stones op een lage heuvel. Bussen vol toeristen worden op deze magische plek uitgelaten: Duitsers, Spanjaarden...... We wachten tot ze weg zijn. Het zijn plekken om alleen te zijn. De ring van standing stones ligt in de volle zon. Orkney heeft het goed voor met ons! We lopen daarna door de weilanden rondom de ring. Er bloeien veel veldbloemen en de weidevogels hebben eieren en jongen. Ze proberen ons te verjagen, vooral de scholeksters zien ons niet graag. Daarna bezoeken we nog de Standing stones of Stenness.
Daarna rijden we naar Kirkwall om de nachtboot naar de Shetland eilanden te nemen. Rond half twaalf 's avonds zijn we ingescheept en vertrekt de boot. Na een biertje kruipen we in bed in onze hut. De boot vaart rustig. Om 24.00 uur nog wel even een SMSje aan Dagmar gestuurd. We vallen snel in slaap na de drukke dag.
19 juni 2011. Als de wekker gaat loopt de ferry de haven van Kirkwall binnen. Tijd genoeg om ons aan te kleden en onze rugzakken te pakken. We hebben geen tijd voor ontbijt want het doel voor vandaag is de meest noordelijke punt van de Shetlands. We rijden via het Mainland naar de ferry voor het eiland Yell. Rijden over Yell naar de ferry voor Unst en bereiken na een autorit over Unst het natuurgebied Hermaness. Doel bereikt. Er zijn nog meer natuurliefhebbers. Een handje vol.
We wandelen via een pad -gedeeltelijk met houten veenbruggen- naar de kliffen. Er zijn veel zeevogels. Voornamelijk de soorten die we ook al op Handa hebben gezien. We kiezen er voor om naar links te lopen. Van veraf zien we Puffins. Het blijkt de topper van de vakantie te worden. Na korte tijd zitten we op de klif met links en rechts van ons op zo'n anderhalve meter de kleine vriendelijke vogeltjes die ons nieuwsgierig aankijken. We maken foto's en een filmpje. Het is een fantastische ervaring. Na ruim een uur lopen we verder.
De wandelroutes zijn anders dan in Nederland. Al snel is er geen pad meer en we proberen de kustlijn te volgen over het grillige high moor. Onderweg belanden we in een kolonie Grote Jagers, die ons -ze hebben eieren en jongen- met duikaanvallen proberen te verdrijven. Centimeters boven ons hoofd. Voorzichtig lopen we door. Overal liggen nesten met eieren en jonge vogels. We bereiken behoorlijk afgemat weer het vertrekpunt. 's Avonds slapen we in het Breview guesthouse in Lerwick dat ook al moeilijk is te vinden. Voor ons tenminste. Misschien iets te veel gedaan die dag. Natuurlijk nog wel even Dagmar gebeld.
20 juni 2011. Na het ontbijt vertrekken we naar de meest zuidelijke punt van de Shetland eilanden: Sunburg Head. De wegen op het Mainland zijn heel goed. Om Sunburg Head te bereiken moeten we over de landings- en startbaan van het vliegveld. Vanaf het historische Sunburg hotel maken we een wandeling door de weilanden met muurtjes langs de zee, Mooie vergezichten en landschappen. Onderweg zien we een paar stelletjes zwarte zeekoeten. Het is een leuke wandeling door groene velden die niet veel inspanning vereist. Bij de vuurtoren is een uitzichtpunt: er staan veel vogelaars. Er zit ook een ook kleine kolonie puffins. Het is weer even genieten. Aansluitend de opgravingen in Jarlshof bezocht (vanaf 4000 jaar BC). Erg mooi en indrukwekkend16 en 17 juni 2011 Talmine enStrathy Point
16 juni 2011. We vertrekken vanuit Kylesku naar Talmine via de North West Scotland route. Eerst naar Durness. Aan beide zijden van de single track road mooie landschappen. We rijden langs Handa island en Durness waar we al zijn geweest. Vanaf dat punt is de route nieuw. Het rijden op de single track roads begint steeds meer te wennen. Omdat het nog vroeg is besluiten we een omweg te maken en gaan naar Altnaharra. Het landschap onderweg is ontzettend leeg. In heel Sutherland ( zo groot als Nederland) wonen minder mensen dan in de gemeente Barneveld. We passeren een burcht uit de ijzertijd. Op deze route van ca. een uur komen we twee auto's tegen. Als de zon even weg is, ziet het veengebied (high moor) er donker en somber maar wel mooi uit.
Altnaharra klink echt Schots. Het dorpje bestaat uit drie huizen en een hotel waar we een sandwich eten. Hier is het 's zomers het warmst en 's winters het koudst. Nu regent het er! Aansluitend bezoeken we Smoo cave: een grot in de klif in de buurt van Talmine.
Talmine. We wonen in een gebouw in dezelfde stijl als het voormalige kerkgebouw (Cloistertal) waar onze gastheer en -vrouw wonen. Het is erg leuk. 's Avonds maken we een wandeling langs de haven van Talmine. Terwijl we vanaf de pier over het zeeloch uitkijken valt ons iets bijzonders op waar we een uur naar zullen kijken. In het zeeloch zwemmen twee dolfijnen. Het zijn Harbor Porpoises, een moeder met een jong. Het zijn kleine maximaal twee meter lange dolfijntjes. Ze jagen op vis in het loch en steeds zien we de rugvinnen en ruggen boven water komen. Verstijft van de kou klimmen we -als de dolfijntjes weg zijn- van de rots af en wandelen verder over het pad op de kliffen. De dag kan niet meer stuk!
17 juni 2011. Vroeg uit de veren, inpakken en naar onze gastheer en -vrouw voor het Scottisch breakfast. Gezellig! Ze willen weten waar we in Nederland wonen en hoe het daar is. We komen er achter, dat ze jaren in Noord Australië hebben gewoond. Nu ze ouder zijn, zijn ze terug gekeerd naar Schotland. Het breakfast (toast, eggs, bacon, saussich en tomato) smaakt heerlijk. De verbouwde kerk ziet er heel mooi en bijzonder uit. De preekstoel zit er nog in. We krijgen nog een tip mee over dolfijnen van Mr. Brown die bij ons aan tafel eet.
Op pad! De reis gaat vandaag naar Strathy Point. Onderweg bij Betty Hill stoppen we bij het gehucht Invernaver om Torrisdale Beach te bezoeken. De wandelschoenen gaan aan en de wandeling gaat door duingebied. Onderweg komen we paarden en de overal aanwezige schapen tegen. Ook zien we overal konijnen. Het barst in deze omgeving van de konijnen en ze wonen in geweldige burchten. We tellen er wel 10 per burcht, terwijl ze in het zonnetje zitten. Via het duingebied komen we op een wit zandstrand. Het is echt zonnig en de jassen en truien kunnen uit.
's Avonds na het eten in de Strathy inn maken we nog een wandeling naar de vuurtoren van Strathy Point. Een mooie. Opnieuw in de traditionele wit gele kleuren. We blijven nog een uurtje om op de kliffen naar de zeevogels te kijken: Jan van Gendten, grote mantelmeeuwen, drieteen meeuwen, scholeksters, plevieren.........
's Avonds gaan we bij Patsy onder de lakens. Alles tot in de puntjes verzorgd.
Cape Wrath en Durness
Bijzondere bezienswaardigheden die we in dit deel van Schotland willen zien, zijn Cape Wrath en de Sand dunes van Durness.
Cape Wrath is bekend om twee dingen. Het is keerpunt geweest op de zeereizen van de Vikingers (waar de Schotten grotendeels van afstammen), waarna ze met hun schepen afbogen naar het oosten om naar de Scandinavische landen terug te keren. De kust is zeer verraderlijk. Menig schip is vergaan. Reden om hier een vuurtoren te bouwen om de schippers te waarschuwen voor de kliffen van Noord Schotland. Cape Wrath is ook militair oefenterrein voor vliegtuigen. Maar behalve de bordjes met waarschuwingen merken we daar niets van. Het is het noordelijkste punt.
Vanaf Kylesku rijden we naar het noorden tot de Kyle of Durness (zeeloch) en steken die met een veerbootje (sloep) over. Er is nog een handvol enthousiastelingen die naar Cape Wrath wil. Aan de overzijde van de Kyle staat een busje met een Schot in Kilt op ons te wachten. Na een rit van drie kwartier bereiken we de kaap met een mooie vuurtoren in de gebruikelijke wit-gele kleuren. We blijven er een tijdje genieten van het bijzondere landschap en de kliffen en gaan dan langs dezelfde weg terug.
Van Cape Wrath gaan we naar Durness. Daar liggen reusachtige zandduinen en er is een ..............puffinkolonie.
We wandelen vanaf de parkeerplaats bij Durness op een pad richting de duinen. Er zijn grote zandvlaktes en de duinen zelf zijn bedekt met lang helmgras. De hele dag hebben we mooi zonnig weer gehad, maar nu komen er dreigende wolken aan de lucht en de wind neemt toe. We hebben informatie waar de puffins zitten en bereiken via een duinpaadje een groene heuvel. We hebben al bijna de moed opgegeven als we ze zien. Op een met gras bedekte rots (ontoegankelijk voor mensen) zit de kolonie. Met de verrekijker zijn ze goed te zien en we tellen er zo'n dertig. Af en toe komen er nog meer uit de nestholen of komen van zee aanvliegen. Intussen klettert de regen op ons neer, maar dat hindert niet meer. De dag kan niet meer stuk. Als toetje zien we op de terugweg tientallen edelherten die ons verbaasd aankijken als we naast hen met de auto stoppen om foto's te maken.We hebben ze gezien de Puffins
Het is een kort autoritje naar Tarbet aan de Sound of Handa. We kopen een ticket en kunnen meteen op het bootje naar het eiland Handa stappen. Handa wordt bewoond door duizenden zeevogels die hier broeden. Het bootje is in vijf minuten aan de overkant en met ons stappen nog zo'n 15 vogelliefhebbers het strand op. Het is mooi zonnig weer met weinig wind. We beginnen de wandeling na instructie: niet buiten de paden. Rustig wandelen we naar de plaats waar de grote vogelkolonies broeden. De eerste ontmoeting hebben we met grote jagers die in een kolonie broeden op Handa. Ze scheren regelmatig boven ons hoofd. De kliffen worden bewoond door duizenden zeekoeten, alken en drieteenmeeuwen. Het is een drukte van belang. In lange rijen zitten ze (soms op nesten) op de richels in de rotswanden. De meeste belangstelling gaat uit naar de puffins (papegaaiduikers). Er zijn er niet veel maar we zien er drie! De missie is geslaagd al hadden we er graag meer gezien. Als we verder lopen zijn er mooie vergezichten met de zee op de achtergrond. Tijdens onze wandeling zien we nog veel andere vogels: grote mantelmeeuwen, jan van genten, sterns, aalscholvers en zee-eenden maar ook tapuiten en leeuweriken. Een leuk bezoek aan het vogel eiland Handa!
's Avonds na het eten in het restaurant van Kylesku (langoustines en gegrilde schapenkaasjes) zien we bij de brug vier edelherten. We kunnen ze met de auto dicht naderen en een foto maken. Als we daar mee bezig zijn laat ook een stelletje otters zich in het water onder de brug zien. Een leuke dag in de natuur met heel bijzondere dieren.
Reisdag naar Kylesku
We staan vroeg op en nemen een full Scottish breakfast. Heerlijk. We vertrekken op tijd uit Aviemore en rijden door de Cairngorms richting Inverness. Het weer is regenachtig. Bij Inverness steken we de Moray Firth over en rijden een stukje over Black Isle waar aan het eind van onze reis nog terug zullen keren. We volgen de A835 richting Ullapool. Deze weg hebben we ook in september 2010 gereden. Uit de auto bewonderen we de bijzondere landschappen met zo nu en dan snelstromende rivieren. De velden met varens langs Black Water zijn nu in het voorjaar helder groen. Het gaat steeds harder regenen. We bereiken Ullapool, haven aan Loch Broom. Dit keer nemen we niet de veerboot naar het eiland Lewis maar rijden naar het noorden via Ledmore richting Kylesku. Het landschap wordt steeds kaler en woester. In het landschap de typische witte Schotse huizen. Het autorijden is leuk op deze smalle kronkelende wegen door de highlands. Bij Loch Assynt rijden we langs Ardvreck Castle, het hoogste punt tijdens onze reis in 2010.
Voordat we de lodge in Kylesku opzoeken, doen we een rondje over de oude kustweg langs het plaatsje Stoer. De tweebaansweg gaat over in een one track road. Bij de vuurtoren van Stoer gaan de bergschoenen en waterdichte broeken aan en begint de wandeling naar the Old Man of Stoer, een hoge rotspunt in de Atlantische Oceaan. De regen striemt door de harde windstoten op ons neer. De graslanden op de kliffen zijn meer water dan vaste grond. Soms zakken we er in weg. Ook het springen over de stroompjes lukt niet altijd. Toch bereiken we the Old man en op dat moment houdt de regen op en breekt de zon door. Fantastisch, precies op tijd om enkele mooie foto's te maken. Na de wandeling rijden we via een smalle kronkelende eenbaansweg met scherpe bochten en hoogte verschillen de Newton Lodge in Kylesku.
vertrek - Aviemore
Op 12 juni 2011 vertrekken we met Ryan Air vanaf vliegveld Niederrhein (Weeze) naar Edinburgh voor een reis door Schotland. Van Edinburgh reizen we naar de noord-west kust van Schotland (Kylesku, Sutherland) om daarna langs de noordkust te reizen tot Scrabster. Van Scrabster in het noorden van Schotland met de boot via Orkney naar de Shetland eilanden. Daarna weer terug naar Orkney. Op de eilanden hopen we vooral papegaaiduikers te zien. Dan via Black Isle en Stirling weer terug.
We vertrekken vroeg in de morgen van vliegveld Niederrhein bij Düsseldorf naar Edinburg. We vliegen met Ryan Air. Het is erg rustig op het vliegveld. Na aankomst een bakje koffie en hup de lucht in. Na ongeveer een uurtje zijn we aan de andere kant van de Noordzee. We halen onze auto (een blauwe Opel corsa) op en gaan op weg. Het links rijden is weer snel gewend. Onze eerste overnachting is in Aviemore. Onderweg bezoeken we Blair Castle. Een prachtig wit Schots kasteel in de Cairngorms. We maken foto's en een filmpje en slenteren in de zon door het arboretum en de mooi aangelegde tuin. De natuur is duidelijk achter bij het vaste land van Europa.
De eerste dag is een succes. Geen spat regen. In Aviemore hebben we een prima B&B: Cairngorm guesthouse. Vroeg naar bed.